zondag 29 september 2013

Bellen met... het Grijze Gebied (column HP/DeTijd 29-9)

Triiing. 
Goedendag, dit is de telefonische beantwo...tuut, tuut, tuut, hallo?
JG: Spreek ik met de reparatiedienst van De Goede Woning?
DGW: Daar spreekt u mee.
JG: Mooi. De inbouwspotjes van mijn keuken zijn kapot. 
DGW: Hm. Spotjes, zegt u. Dat lijkt mij geen klusje voor de reparatiedienst.  Misschien dat het klusteam u verder kan helpen. Bent u lid?
JG: Niet dat ik weet.
DGW: Dan kunnen wij helaas niemand sturen. Wij doen geen elektra. Elektra is voor de bewoners zelf.
JG: Ik weet niks van elektra.
DGW: Ja, dat is spijtig. Dan houdt het op.

Slopen
JG: Maar dit zijn inbouwspotjes. En die zijn ingebouwd hè. Dus daar kan ik moeilijk zelf bij. Of ik moet de keukenkastjes van de muur slopen. Is dat soms ook voor de bewoners zelf? Keukenkastjes van de muur slopen?
DGW: Nee, slopen is niet de bedoeling mevrouw JG. Als er al gesloopt moet worden doen wij dat liever zelf.

zondag 15 september 2013

Duizend tinten grijs (herfst voor gevorderden)

Column voor HP/DeTijd 15-9:



Herfst. Als je de gemiddelde Nederlander mag geloven, overvalt hij ons land ook dit jaar weer als een insluiper.

Zodra de temperatuur ook maar een beetje daalt, de bladeren verkleuren en de eerste regenbuien zich dramatisch tegen de ramen op smijten is het verbaasde geweeklaag niet van de lucht: “Hoe kan dat nou, vorige week zaten we nog met dertig graden in de schaduw! En nu moet ineens de kachel aan!”  (verder lezen...)


zaterdag 7 september 2013

Intratuinbelevingen (column HP/DeTijd 8-9)

Laatst liep ik door Intratuin. Dit is een onderneming waarbij je eigenlijk brood en koffie mee moet nemen omdat je door een kilometerslang padenstelsel wordt geleid. Je weet: er is een begin, er moet dus ook een eind zijn, maar gaandeweg de excursie ga je toch twijfelen. Het is als Ikea, maar dan sjok je in plaats van Billy’s langs rijen begonia’s, tuinzand en plastic reuzenkikkers.

Ik passeerde de afdeling ‘decoratietakken’ en herkende het fenomeen direct. Vaak nam ik na een boswandeling een gevonden stok mee naar huis. Omdat deze op een slang leek, een komodovaraan, een paard of gewoon, op een stok. Ik kerfde er iets in, was een paar seconden heel tevreden met de situatie en legde het ding bij thuiskomst in de tuin of vensterbank. Soms vroeg iemand ernaar, meestal als het gesprek haperde en er verder niets meer te bedenken viel. Ik vertelde dan uitvoerig over die fijne dag in het bos. De dag had elke keer een ander verloop naar gelang mijn stemming. De ene keer roemde ik de grilligheid van de boomtakken, de andere keer de regenwolken die als volle taxi’s door het luchtruim joegen.