dinsdag 26 april 2016

Een gerede kans

Vannacht ontmoette ik in een droom een wat oudere vrouw die leek op een lerares die ik vroeger had. Ze stond op een brug die twee landen waar het altijd sneeuwde met elkaar verbond. Ze groette me minzaam en viel gelijk met de deur in huis. Haar fysiotherapeut, Rutger, had mijn columnboek Ongearticuleerd gorgelen gelezen maar er niet bijster veel aan gevonden. Hij moest wel een paar keer lachen maar dat was meer per ongeluk geweest, zoals je een oprisping kunt hebben wanneer je te snel gegeten hebt. 
‘Jammer,’ zei ik naar waarheid. ‘Misschien is het niet zijn genre?’
‘Rutger houdt van oorlogsboeken,’ antwoordde de vrouw beslist. Ze ging er vanzelf wat rechter door staan.
‘Hij kent alle oorlogen uit zijn hoofd.’
‘Zo,zo,’ zei ik bewonderend, ‘alle oorlogen. Toe maar.’
We hoorden een luide krak. Achter ons stond een huis op instorten. De vrouw boog zich naar me toe.
‘Dat huis is te redden, weet je,’ sprak ze geheimzinnig. ‘In het midden van de voorpui zit een  ingemetselde kies. Die kies heeft in het midden een zwart, rot gat. Dat gat staat in verbinding met alle landen ter wereld. Jij moet de kies uithakken, wachten tot de zon op het juiste punt staat, voor het huis gaan staan en wijzen. Strak wijzen, niet van dat slappe. Als het goed is richt de zon haar stralen dan via jouw vinger dat zwarte gat in.’
Okay,’ antwoordde ik, ‘ik zal erover denken. Wat gebeurt er eigenlijk als ik dat doe?’
‘Dan is er een kans,’ zei de vrouw terwijl ze aanstalten maakte om weg te lopen. ‘Een gerede kans.’ 

maandag 25 april 2016

Nadenken is voor sukkels

(Deze column schreef ik eerder (2015) voor HP/DeTijd)
Vannacht droomde ik dat ik op bezoek ging bij Maarten Biesheuvel. Hij woonde in een boot en was slechts bereikbaar via een ingewikkeld traject van gevlochten graspaden. We dronken thee en aten kaakjes. 
Hij vertelde dat er een moord was gepleegd die nacht. Er lag een mensenhoofd naast de boot en even verderop een lichaam. Ik zei dat hij James Herriot moest inschakelen, pseudoniem van de Engelse dierenarts detectiveschrijver James Alfred Wight, die zou er wel raad mee weten.

‘Ben je niet in de war met Peter R. de Vries?’ vroeg Maarten. Oooh ja, stom. Ik legde uit dat ik de avond daarvoor Nostalgienet had gekeken, waar vier seizoenen van de oude James Herriot-serie werden vertoond. Hij keek me verward aan, waar had ik het over? ‘Je weet wel,’ antwoordde ik, ‘die zender waar mannen uit 1969 met staccatostemmen nog alle klinkers en medeklinkers in één zin uitspreken.’ Over 1969 gesproken, ik zag ook beelden van de toenmalige Maagdenhuisbezetting voorbijkomen. Zwart-wit, welteverstaan. 

Laatst vroeg een redacteur van HP/DeTijd mij of ik eens een relevant stukje wilde schrijven. Ik dacht lang na maar na zeven dagen wist ik nog niet wat relevant was en wat niet. En in zeven dagen kun je veel doen, hoor. Een inleidende cursus in de bekende Hannover stemtechnieken bijvoorbeeld, popjes maken van antroposofische sojasjablonen, noem het maar. Relevantie wilde er bij mij echter maar moeilijk in. 

Ik besloot een filosoof te bellen. Dat zouden meer mensen moeten doen. Filosofie is een van de moeilijkste studies op aard maar veel afgestudeerde filosofen zitten thuis op een houtje te knagen. Waarom? Omdat nadenken op hoog niveau niet relevant meer is, natuurlijk. Nadenken is voor sukkels. Je kunt er niks mee kopen, niks mee verdienen en het brengt geen rente op. Nou, dan ben je uitgeluld. De filosoof zei dat alles relevant was en daardoor niks. Dat vond ik een hele mooie zin maar erg praktisch was het niet, ik bedoel, moest ik dan iets over niets schrijven?

 Toen zag ik afgelopen zaterdag op zender AT5 hoe de ME (op verzoek van het College van Bestuur van de UVA) onnodig hard optrad tegen de bezetters van het Maagdenhuis die nota bene hadden aangegeven na het weekend vrijwillig het pand te verlaten. De rigide regentenhouding van het College van Bestuur tegenover de studenten die zes weken geleden het Maagdenhuis bezetten om te protesteren tegen de bezuinigingen op bepaalde faculteiten, het visieloze rendementsdenken. De studenten werden beschuldigd van grove vernielingen van het pand. Zwaar overdreven natuurlijk, maar het leidde mooi af van waar het werkelijk om ging: het rigide wanbestuur. Dat is de overbekende rode-lap-techniek. Ergens ver weg van het probleem met een rooie lap gaan staan zwaaien, zodat iedereen die kant op kijkt ipv naar het probleem zelf. Werkt altijd. 

Ondertussen wist ik nog steeds niet wat relevant was en wat niet. Ik belde Maarten Biesheuvel en vroeg hem of hij een relevant verhaal wist. Maarten dacht na en begon te vertellen over Ruigoord, een lang geleden gekraakt dorp aan de rand van Amsterdam dat al jaren een vrijplaats is voor kunstenaars, schrijvers en buitenbeentjes. De meest bijzondere soorten flora groeien er op en rondom deze plek. Gewoon, omdat het met rust gelaten wordt. Het landschap er alle tijd en ruimte krijgt dat het nodig heeft om zijn eigen loop te bepalen. Zonder landverkaveling, ingrijpende sloop/bouwwerkzaamheden of andere vormen van rendementsdenken. 

‘Mmm,’ bromde ik, ‘maar eh, levert dat nog wat op, dat Ruigoord?’ Maarten lachte zo hard dat de hoorn bijna uit zijn hand viel. Toen zei hij dat ik er geen zak van begrepen had. En dat hij op moest hangen, want Eva, zijn vrouw riep, ze keken naar het tweede seizoen van James Herriot op Nostalgienet, ik wist wel, die zender waar mannen uit 1969 met staccatostemmen nog alle klinkers en medeklinkers in één zin uitspraken.’



woensdag 20 april 2016

Herman Koch: ‘De Nederlandse literatuur is een Blanke Man’

Helaas, ook dit jaar laten vrouwelijke schrijvers het massaal afweten bij het schrijven van het Boekenweekgeschenk. Ondanks het feit dat Nederland barst van het vrouwelijk literair talent en de meeste lezers vrouw zijn, was er ook dit jaar (weer) geen enkele dame voor het klusje te porren. Slechts twee auteurs wisten er in de afgelopen 16 jaar tijd voor vrij te maken: Anna Enquist (2002) en Esther Gerritsen (2016). Ik besluit Herman Koch, schrijver van het Boekenweekgeschenk 2017, op te bellen en te vragen wat hij hier van vindt.

Kutklusje
‘Ik vind het een slechte zaak,’ antwoordt een duidelijk diep teleurgestelde Herman Koch. ‘Nu moet IK dat kutklusje weer opknappen, terwijl schrijfsters als Mensje van Keulen bijvoorbeeld, Margriet de Moor of Vonne van der Meer ook een grote staat van dienst hebben. Zij zouden, net als al die andere talentvolle vrouwelijke schrijvers wel eens wat meer verantwoordelijkheid mogen nemen. Ze tonen geen karakter, weet je. Je ziet het ook in het zakenleven of de politiek, waar vrouwen het altijd overlaten aan de Blanke Man. Ik weet niet wat het is met die wijven. Waar zijn ze dan zo druk mee, vraag ik me af. Kinderen? Koken? Mannen? Dakpannen beschilderen? Lekker makkelijk weer hoor, dames.’

Maar 29.000 woorden
‘En er zijn talentvolle vrouwen genoeg,’ buldert Koch verder, ‘daar ligt het niet aan. Ze drukken zich gewoon. Elk jaar weer. Wat ik maar zeggen wil: Nelleke Noordervliet, Helga Ruebsamen, Pauline Slot, Hanna Bervoets, Jannah Loontjens, Judith Koelemeijer, Susan Smit, Charlotte Mutsaers, Connie Palmen, Astrid Roemer, Vonne van der Meer, Franca Treur, Carolijn Visser, Frida Vogels, Sanneke van Hassel, Rosita Steenbeek, Maartje Wortel, Marie Kessels, Margriet de Moor, Wanda Reisel, Marja Pruis, Marente de Moor, Annelies Verbeke, Jessica Durlacher, Marion Bloem, Fleur Bourgonje, Paulien Cornelisse, Mensje van Keulen, Annejet van der Zijl, Joke van Leeuwen, Marieke Groen, Manon Uphoff, Elsbeth Etty, Joke Hermsen, Lieve Joris, etc, etc, wees volgend jaar nou eens een beetje sportief en zeg gewoon “ja” als ze je vragen. Het zijn maar 29.000 woorden, godbetert. Bij uitstek een vrouwenafstand. Het klinkt ook wijverig hé, "novélle". Dus, huppakee. Aan de slag. Zo moeilijk is het allemaal niet.’

vrijdag 15 april 2016

Abdou en de anderen - Lammert Voos



Vanmiddag verschijnt het dan eindelijk. Na 5 jaren schrijven, vallen, weer opstaan en uitgeversgedoe. Op een moment dat achteraf (wrang genoeg) niet beter gekozen had kunnen worden. 'Abdou en de anderen' van Lammert Voos. Over vluchtelingenwerk in Nederland in de jaren '90. Ik mocht door de tijd heen met Lammert meelezen terwijl hij schreef en was stevig onder de indruk. Een snoeihard en eerlijk relaas is het geworden, over een falend systeem. En dat er wat dat betreft geen zak veranderd is. Ik weet niet of het boek van Voos beleidstechnisch zal helpen. Waarschijnlijk niet. Maar ik weet wel dat hij vluchtelingen een gezicht heeft (terug)gegeven. Respect. Zonder geslijm en geschmier. En dat is nogal wat. Vanmiddag dus. In de Hip in Deventer. 15.45. Op Radio 1 vertelt Voos alvast op zijn eigen indringende wijze over Abdou. En de anderen. Lees, luistert, huiver en zegt het voort.

http://www.radio1.nl/item/350256Lammert%20Voos%20geeft%20vluchtelingen%20een%20gezicht.html